zijn eten

De achterdeur heeft hij open laten staan. De voordeur ook, zie ik later. Hij verwachtte me. Het is half drie. Hij ligt te slapen. Op zijn zij met wat over is van zijn benen, opgetrokken. Nog net niet in de foetushouding. Een bijna gehalveerd lichaam maar nog steeds mijn vader. Ik maak hem niet wakker en wacht. Wanneer hij na een half uur ontwaakt en op zijn rolstoel is gekropen, is hij humeurig. En ik herinner me de zondagen uit mijn jeugd: een dutje na warm middageten lijkt onvermijdelijk maar valt altijd slecht. Na zijn tweede kop koffie wordt hij spraakzamer. Ik moet de haring proeven die hij heeft schoongemaakt. Of ik alleen naar Kustdorp gekomen ben. Ik jok van wel. Zoon en Dochter gaan  deze moeilijke ontmoetingen  uit de weg. Nog wel. Ik laat ze. Hij is nog niet buiten geweest vandaag en ik stel voor om een stukje te gaan wandelen. Hij in zijn scootmobiel en ik op eigen kracht. Halverwege de wandeling scheiden onze wegen zich. Hij pakt nog een rondje ‘wurft’. Ik druk mijn wang tegen de zijne. Het afscheid moet altijd luchtig lijken. Hij knikt onzichtbaar en rijdt verder zonder omkijken. In de tas zit een makreel en een pond door hem gepelde garnalen. De liefde van mijn vader zit in het eten dat hij geeft.

Advertisements

Een gedachte over “zijn eten

  1. Voor mijn vader, zeeman, uit een Maasstad, vormde de haringen die hij voor je schoonmaakte, vlak voor zijn dood ging dat met tonnetjes tegelijk, de verpakking van zijn liefde. Ik fietste gisteren nog door Kustdorp. Alsof er autopsie wordt verricht op het zandkleurig lichaam dat er was. ’t Ziet er niet uit.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s